De lijst van 1203 eigenschappen van Brokken

Makkelijker leest wellicht het Periodiek systeem                             terug naar De Big 5 persoonlijkheidsfactoren

I+I+
SPONTAAN, UITBUNDIG, MEDEDEELZAAM
spontaan
mededeelzaam
spraakzaam
praatlustig
extravert

I-I-
GESLOTEN, ZWIJGZAAM, INTROVERT
gesloten
introvert
stil
terughoudend
onmededeelzaam
afstandelijk
eenkennig

I+II+
OPGEWEKT, GEZELLIG, JOVIAAL
opgewekt
gezellig
joviaal
zonnig
blij
vrolijk
plezierig
toegankelijk
blijmoedig
levendig
vlot
goedgehumeurd
jolig
oergezellig
openhartig
opgeruimd
goedlachs
kwiek
jofel
olijk
open
amicaal
onderhoudend
gelukkig
guitig
amusant
lollig
komiek
onbevangen
geinig
lacherig
belangstellend
familiaar
grappig
rondborstig
 
I-II-
ONTOEGANKELIJK, STUG, ONDOORGRONDELIJK
ontoegankelijk
stug
ondoorgrondelijk
eenzelvig
stroef
negatief
ongezellig
verbitterd
argwanend
wantrouwend
wantrouwig
achterdochtig
koel
solitair
onpersoonlijk

I+II-
FEL, LAWAAIERIG, DRUK
fel
lawaaierig
druk
wild
explosief
brutaal
uitdagend
gehaaid
kittig
krijgshaftig

I-II+
RUSTIG, BEDAARD
rustig
bedaard
lankmoedig
ongastvrij

I+III+
BEDRIJVIG, ENERGIEK, VIEF
bedrijvig
energiek
vief
kordaat
kloek
flink
ferm
charmant
I-III-
APATHISCH, PASSIEF, ONPEILBAAR
apathisch
passief
onpeilbaar
inactief
traag
sloom
onge´nteresseerd
kopschuw
nihilistisch
flegmatiek
inert

I+III-
ONGEREMD, ONBESUISD, RUMOERIG
ongeremd
onbesuisd
rumoerig
luidruchtig
vrijpostig
branieachtig
clownesk
overmoedig
luchthartig
baldadig
ondeugend
waaghalzig
kwajongensachtig
frivool
breedsprakig
balorig
vlerkachtig
debiel

I-III+
GERESERVEERD, ERNSTIG, NADENKEND
gereserveerd
ernstig
nadenkend
ingetogen
rustlievend
pietepeuterig
afgemeten

I+IV+
OPTIMISTISCH, LEVENSLUSTIG, LEVENSKRACHTIG
optimistisch
levenslustig
levenskrachtig
ondernemend
monter
vitaal
heldhaftig
ongecompliceerd
koen
onvermoeibaar
sluw
gewiekst
stoer
listig
hero´sch


 
I-IV-
SOMBER, TERUGGETROKKEN, MENSENSCHUW
somber
teruggetrokken
mensenschuw
verlegen
schuchter
bedeesd
futloos
zwartgallig
slap
doodverlegen
beschroomd
gecompliceerd
langzaam
defaitistisch
gespleten
willoos
ontwijkend
schroomvallig
raadselachtig
geheimzinnig
defensief

 

I+IV-
IMPULSIEF, BABBELZIEK, KLETSERIG
impulsief
babbelachtig
babbelziek
kletserig
dartel
loslippig
hartstochtelijk
intu´tief
nieuwsgierig
handtastelijk
wellustig
parmantig
hip

I-IV+
LEGE CEL

I+V+
TEMPERAMENTVOL, ONSTUIMIG, WELBESPRAAKT
temperamentvol
onstuimig
welbespraakt
geestdriftig
dynamisch
beweeglijk
actief
vurig
vrijmoedig
direct
strijdvaardig
gevat
veerkrachtig
ongedwongen
geestig
bijdehand
strijdlustig
humoristisch
onbeschroomd
activistisch
schalks
goochem
reislustig
onweerstaanbaar


 

I-V-
TIMIDE, SAAI,TAM
timide
saai
tam
bezadigd
lijdzaam
gelaten
bleu
stijf
wereldvreemd
gematigd
onoprecht
lijzig
pietluttig
passieloosI+V-
PRAATZIEK
praatziek

I-V+
INDIVIDUALISTISCH
individualistisch

II+I+
HARTELIJK, PRETTIG, WARMVOELEND
hartelijk
prettig
warmvoelend
ruimhartig
soepel
bereidwillig
vriendelijk
medemenselijk
fideel
tegemoetkomend
sociaal
vriendschappelijk
goedgeefs
hulpvaardig
sympathiek
welgemoed
collegiaal
bereidvaardig
menslievend
behulpzaam
positief
beminnelijk
edelmoedig
goedwillig
toeschietelijk
co÷peratief
makkelijk
geschikt
nobel
aimabel
lief
gemakkelijk
royaal
vrijgevig
gul
allerliefst
gastvrij
innemend
wellevend
getrouw
opofferingsgezind
grootmoedig
offervaardig
ridderlijk
 
II-I-
NORS, KORTAANGEBONDEN, ZELFZUCHTIG
nors
kortaangebonden
zelfzuchtig
kortaf
stuurs
ontoeschietelijk
onhartelijk
intolerant
sceptisch
ongenaakbaar
superindividualistisch
ondankbaar
kil
onvriendelijk
onsympathiek
nurks
muggezifterig
onwelwillend
star
ijskoud

II+I-
BESCHEIDEN, ZACHTMOEDIG, GEDULDIG
bescheiden
zachtmoedig
geduldig
vredelievend
sereen
pretentieloos

II-I+
BAZIG, SCHREEUWERIG, DOMINANT
bazig
schreeuwerig
baasachtig
dominant
heethoofdig
heftig
heetgebakerd
bedilzuchtig
eigenwijs
agressief
vinnig
bedillerig
hoogdravend
fanatiek
strijdzuchtig
wijsneuzig
vechtlustig
hardhandig
agitatorisch
krijgszuchtig
demagogisch
geraffineerd
snood
bezeten
mondain
mild
vreedzaam
goedhartig
inschikkelijk
vergevensgezind
schappelijk
duldzaam
goedaardig
welwillend
barmhartig
genadig
 
II-II-
ONINSCHIKKELIJK, STIJFHOOFDIG, ONTOEGEEFLIJK
oninschikkelijk
stijfhoofdig
ontoegeeflijk
koppig
onverzoenlijk
verbeten
wraakzuchtig
twistziek
kwaadaardig

II+III+
ZORGZAAM, GOED, BELEEFD
zorgzaam
goed
beleefd
attent
deugdzaam
fair
edel
redelijk
tactvol
fijngevoelig
beschaafd
fijnvoelend
rechtschapen
eenvoudig
zelfopofferend
voorkomend
hoffelijk
trouwhartig
oprecht
ootmoedig
minzaam
trouw
onbedorven
achtenswaardig
hoofs

II-III-
EGOCENTRISCH, TEGENDRAADS, ONTACTISCH
egocentrisch
tegendraads
ego´stisch
tactloos
hooghartig
onhoffelijk
gewichtigdoenerig
harteloos
onaangenaam
schofterig
onbeleefd
oneerbiedig
opschepperig
onbeschoft
verwaand
dikdoenerig
onbescheiden
eigenaardig
vulgair
opdringerig
ruw
spotziek
grof
ongezeglijk
gemeen
satanisch
hatelijk
indiscreet
wreed
moordlustig
opsnijderig
ongelikt
gevaarlijk
onbeschaafd
gewetenloos
bruusk
pocherig
trouweloos
sarrig
onverbeterlijk
onwillig
roofzuchtig
laag-bij-de-gronds
platvloers
lomp
schurkachtig
maniakaal
morbide
sadistisch
plaagziek
barbaars
kwelziek
bloeddorstig
 
II+III-
BUIGZAAM, PLOOIBAAR
buigzaam
plooibaar

II-III+
EERZUCHTIG, STREBERISCH, PREKERIG
eerzuchtig
streberisch
prekerig
pinnig
eergierig

II+IV+
TOLERANT,TEVREDEN, INGOED
tolerant
tevreden
ingoed
aardig
doodeerlijk
tactvol
betrouwbaar

II-IV-
OPVLIEGEND, MOKKERIG, SNAUWERIG
opvliegend
mokkerig
snauwerig
sikkeneurig
kribbig
driftig
ruzieachtig
snibbig
wrevelig
knorrig
onhandelbaar
bitsig
lastig
bokkig
bits
brommerig
kibbelziek
vijandig
kankerig
onredelijk
ongeduldig
dwingerig
korzelig
kwaaddenkend
onbillijk
overdreven
grimmig
venijnig
onaardig
kijfziek
onmogelijk
onuitstaanbaar
wraakgierig
bevooroordeeld
bars
antipathiek
afgunstig
vervelend
treiterachtig
haatdragend
naijverig
weerstrevig
afstotend
vals
akelig
slecht
verraderlijk
theatraal
II+IV-
ZACHTAARDIG, ZACHT, GEVOELVOL
zachtaardig
zacht
gevoelvol
zachtzinnig
toegevend
deemoedig

II-IV+
AUTORITAIR, HARDVOCHTIG, HEERSZUCHTIG
hardvochtig
heerszuchtig
glashard
dictatoriaal
spijkerhard
onvermurwbaar
tiranniek
arrogant
onverbiddelijk
onbuigzaam
onverzettelijk
hoogmoedig
hautain
hard
zelfingenomen
zelfgenoegzaam
arglistig
geslepen
onbarmhartig
oorlogszuchtig
meedogenloos
schoolmeesterachtig
pretentieus
trots
intellectualistisch
aristocratisch
militaristisch
militant

II+V+
FLEXIBEL, VERDRAAGZAAM, HUMAAN
flexibel
verdraagzaam
humaan
loyaal
onzelfzuchtig
democratisch
menselijk
liefdevol
ontvankelijk
fijnzinnig
rechtvaardig
fijnbesnaard
genereus
groothartig
begrijpend
mededogend
onbevooroordeeld
filantropisch
clement
 
II-V-
ONVERDRAAGZAAM, KWAADWILLIG, HEBBERIG
onverdraagzaam
kwaadwillig
hebberig
bedilziek
inhalig
vooringenomen
geldzuchtig
oervervelend
gluiperig
onhebbelijk
glad
pronkerig
verwend
boosaardig
ijzig
onmenselijk
begerig
rancuneus
zemelig
fascistisch
afschuwwekkend
ingemeen
liefdeloos
pedant
ploerterig
wreedaardig
louche
baatzuchtig

II+V-
GOEDIG, GOEDMOEDIG, GEMOEDELIJK
goedig
goedmoedig
gemoedelijk
gewillig
toegeeflijk
doodgoed
meegaand
gedienstig
willig

II-V+
OPSTANDIG, DWARS,VEELEISEND
opstandig
dwars
veeleisend
weerspannig
obstinaat
sarcastisch
eigenzinnig
eigengereid
weerbarstig
cynisch
recalcitrant
hardnekkig
aanvallend
eigenwillig
halsstarrig
woest

III+I+
VLIJTIG, ARBEIDZAAM, WERKWILLIG
vlijtig
ijverig
arbeidzaam
werkwillig
nijver
praktisch
kranig
III-I-
LAKS, ARBEIDSSCHUW, VERSTROOID
laks
arbeidsschuw
verstrooid
beginselloos
narcistisch
vaag
laf
verdorven
achterbaks
onrechtvaardig

III+I-
VOORZICHTIG, SERIEUS, PERFECTIONISTISCH
voorzichtig
serieus
perfectionistisch
bezonnen
doodernstig
behoedzaam

III-I+
ROEKELOOS, LOSBANDIG, ONBEZONNEN
roekeloos
losbandig
onbezonnen
losbollig
onvoorzichtig
doldriest
genotziek
goklustig

III+II+
OPPASSEND, CORRECT, WELGEMANIERD
oppassend
correct
welgemanierd
net
fatsoenlijk
proper
normaal
gemanierd
toegewijd
discreet
eerlijk
rechtzinnig
onberispelijk
huiselijk
galant
waarheidlievend

III-II-
HARDLEERS, ASOCIAAL, GETIKT
hardleers
asociaal
getikt
ongegeneerd
abnormaal
geschift
onfatsoenlijk
ongemanierd
bandeloos
schaamteloos
banaal
vernielzuchtig
onattent
zonderling
tactloos
decadent
grootdoenerig
ontoerekeningsvatbaar
dwaas
idioot
destructief
krankjorum
misdadig
vreemd
ruig
snobistisch
onbehouwen
blufferig
zwammerig
onbeschaamd
vandalistisch
balsturig
onwaarachtig
zedeloos
afgestompt
corrupt
slinks
zot
protserig
gulzig
boers
oneerlijk
ordinair
dandy-achtig
melig
III+II-
STRENG, KIESKEURIG
streng
kieskeurig

III-II+
NONCHALANT, ARGELOOS
nonchalant
argeloos

III+III+
ZORGVULDIG, NAUWGEZET, STIPT
zorgvuldig
nauwgezet
stipt
precies
nauwkeurig
secuur
punctueel
nauwlettend
minutieus

III-III-
ORDELOOS, GEMAKZUCHTIG, LICHTZINNIG
ordeloos
onverantwoordelijk
gemakzuchtig
lichtzinnig
lui
werkschuw
immoreel
exhibitionistisch

III+IV+
ACCURAAT, EXACT, SYSTEMATISCH
accuraat
exact
systematisch
consequent
efficiŰnt
volhardend
doelbewust
consciŰntieus
vasthoudend
beginselvast
ambitieus
waakzaam
bekwaam
rechtlijnig
rechtdoorzee
gedistingeerd
zuinig

III-IV-
CHAOTISCH, INACCURAAT, ONBEDACHTZAAM
chaotisch
inaccuraat
onbedachtzaam
onnauwkeurig
warhoofdig
slordig
warrig
wanordelijk
nalatig
onverstandig
onoplettend
achteloos
maf
gestoord
verkwistend
onpraktisch
spilziek
onachtzaam
behaagziek
onberekenbaar
slonzig
vergeetachtig
onhandig
kwistig
genotzuchtig
manisch
lafhartig
dierlijk
laaghartig
pathetisch
III+IV-
LEGE CEL

III-IV+
ZORGELOOS, ONBEZORGD, CRIMINEEL
zorgeloos
onbezorgd
crimineel
onbekommerd
vernielzuchtig
opportunistisch

III+V+
OPLETTEND, LEERZUCHTIG, PRINCIPIEEL
oplettend
leerzuchtig
leergierig
principieel
sober
gewetensvol
handig

III-V-
ONNOZEL, ONVERSCHILLIG, LEUGENACHTIG
onnozel
onverschillig
leugenachtig
onbetrouwbaar
praalziek
pervers
amoreel

III+V-
PLICHTSGETROUW, GEDISCIPLINEERD, KEURIG

plichtsgetrouw
gedisciplineerd
keurig
ordelievend
degelijk
vroom
zedig
kuis
spaarzaam
vormelijk
formalistisch
formeel
overijverig
godvrezend
godvruchtig
godsdienstig

III-V+
ONGEDISCIPLINEERD, JONGENSACHTIG, EXTRAVAGANT
ongedisciplineerd
jongensachtig
extravagant
excentriek
merkwaardig
goddeloos
geil
 
IV+I+
ZELFVERZEKERD, ZEKER, BESLUITVAARDIG
zelfverzekerd
zeker
besluitvaardig
dapper
manmoedig
manhaftig
onversaagd
sportief

IV-I-
ONZEKER, DEPRESSIEF, ONEVENWICHTIG
onzeker
depressie
neerslachtig
onevenwichtig
tobberig
zwaarmoedig
gedeprimeerd
pessimistisch
weifelachtig
zenuwachtig
zwaartillend
angstig
besluiteloos
moedeloos
droefgeestig
gespannen
lusteloos
nerveus
weifelmoedig
melancholiek
weemoedig
dromerig
afwezig
ontevreden
tweeslachtig
schichtig
neurotisch
fatalistisch
levensmoe
lamlendig
duf
kniezerig
zwaarwichtig
treuzelig
onbeholpen
onsportief
IV+I-
DOODKALM, NUCHTER, BEHEERST
doodkalm
nuchter
beheerst
sto´cijns
rationeel
ascetisch

IV-I+
ONTVLAMBAAR, ONBEHEERST, ROMANTISCH
ontvlambaar
onbeheerst
romantisc
aanhalerig
aanhalig
koket
kooplustig
koopziek
amoureus
wulps

IV+II+
STABIEL, KALM, GELIJKMOEDIG
stabiel
kalm
gelijkmoedig
gelijkmatig
gentlemanlike

IV-II-
WISSELVALLIG, LICHTGERAAKT, ONRUSTIG
wisselvallig
lichtgeraakt
onrustig
prikkelbaar
chagrijnig
klagerig
sacherijnig
moeilijk
humeurig
mopperig
jankerig
gejaagd
jachtig
geagiteerd
nukkig
zeurderig
wrokkig
rusteloos
dramatisch
pruilerig
kattig
dreinerig
jaloers
melodramatisch
kleinzerig
narrig
ijdeltuitig
afschuwelijk
psychotisch
ijdel
misantropisch
IV+II-
KEIHARD, DESPOTISCH, ONGEVOELIG
keihard
bikkelhard
despotisch
ongevoelig
zelfvoldaan
genadeloos
aalglad
uitgekookt
vrekkig
leep
dikhuidig
gewelddadig

IV-II+
TEDER,TEERGEVOELIG,AANHANKELIJK
teder
teergevoelig
gevoelig
aanhankelijk
teerhartig
weekhartig
aandoenlijk

IV+III+
EVENWICHTIG, VASTBERADEN, STANDVASTIG
evenwichtig
vastberaden
standvastig
vastbesloten
resoluut
zakelijk
realistisch
wilskrachtig
doodnuchter
verstandig
onwankelbaar
gedecideerd
verstandelijk
onkreukbaar

IV-III-
ONSTABIEL, LABIEL, IRRATIONEEL
instabiel
labiel
onstandvastig
irrationeel
verward
wispelturig
wilszwak
wankelmoedig
grillig
inconsequent
onvolwassen
onnadenkend
halfslachtig
zweverig
klunzig
onzakelijk
schijterig
stuntelig
schizofreen
ongedurig
ambivalent
masochistisch
 
IV+III-
LACONIEK
laconiek
bruut

IV-III+
ZORGELIJK, OVERBEZORGD
zorgelijk
overbezorgd
vrouwelijk
bezorgd

IV+IV+
ONVERSTOORBAAR, KOELBLOEDIG
onverstoorbaar
koelbloedig
vaderlijk

IV-IV-
PANIEKERIG, BANG, HUILERIG
paniekerig
bang
huilerig
schrikkerig
kwetsbaar
emotioneel
hypergevoelig
overgevoelig
nostalgisch
hysterisch

IV+V+
DOORTASTEND, ONAFHANKELIJK, ONBEVREESD
doortastend
onafhankelijk
onbevreesd
zelfstandig
zelfbewust
krachtig
onverschrokken
mannelijk
moedig
diplomatiek
briljant
ongebonden

IV-V-
SCHRIKACHTIG, BANGELIJK, VREESACHT
schrikachtig
bangelijk
vreesachtig
bevreesd
lichtgelovig
afhankelijk
onzelfstandig
sentimenteel
kinderachtig
moederlijk
na´ef
puberaal
meisjesachtig
kinderlijk
week
kleinzielig
dom
nederig
vleierig
truttig
bijgelovig
tuttig
plakkerig
overvoorzichtig
uitsloverig
kleinhartig
serviel
dociel
achterlijk
kneuterig
IV+V-
EMOTIELOOS, GEVOELLOOS
emotieloos
gevoelloos

IV-V+
VERANDERLIJK, SENSITIEF, BEWOGEN
veranderlijk
sensitief
bewogen
sensibel
lyrisch
sensueel

V+I+
BOEIEND, GEESTKRACHTIG, ORIGINEEL
boeiend
geestkrachtig
origineel
strijdbaar
fantasievol
progressief
schrander
speels
avontuurlijk
snedig
stoutmoedig
bezield
slim
expressief
ludiek
erotisch
vermetel
werelds

V-I-
BEHOUDEND, SLAAFS, BEKROMPEN
behoudend
slaafs
bekrompen
onderdanig
fantasieloos
sullig
kleinburgerlijk
alledaags
eenzijdig
stiekem
humorloos
halfzacht
gezapig
gemaakt
stomvervelend
neerbuigend
 
V+I-
FILOSOFISCH, COMPLEX, DIEPZINNIG
filosofisch
complex
diepzinnig
beschouwelijk
beschouwend
analytisch
contemplatief
meditatief

V-I+
CHAUVINISTISCH, REACTIONAIR
chauvinistisch
reactionair

V+II+
VRIJHEIDLIEVEND, SUBTIEL, RUIMDENKEND
vrijheidlievend
subtiel
ruimdenkend
integer
kunstzinnig
geŰmancipeerd
pacifistisch
ongekunsteld
artistiek
onbaatzuchtig
muzikaal

V-II-
STOMPZINNIG, KRENTERIG, BEKAKT
stompzinnig
krenterig
bekakt
materialistisch
enghartig
puriteins
hebzuchtig
blasÚ
genieperig
oubollig
doortrapt
gierig
inslecht
frigide

V+II-
REBELS, ONAANGEPAST, IRONISCH
rebels
onaangepast
ironisch
radicaa
provocerend
scherp
gedreven
plagerig

V-II+
VOLGZAAM, GEHOORZAAM, GEDWEE
volgzaam
gehoorzaam
gedwee
braaf
goedgelovig
gewoon
V+III+
KARAKTERVOL, CONSTRUCTIEF, GEINTERESSEERD
karaktervol
constructief
ge´nteresseerd
opmerkzaam
taai
onomkoopbaar
proza´sch

V-III-
ONKRITISCH, OPPERVLAKKIG, KARAKTERLOOS
onkritisch
kritiekloos
oppervlakkig
karakterloos
huichelachtig
hypocriet
gekunsteld
infantiel
schijnheilig
kruiperig
aanpapperig
slijmerig
geniepig
glibberig
simplistisch

V+III-
VRIJGEVOCHTEN, ONDOGMATISCH, REVOLUTIONAIR
vrijgevochten
non-conformistisch
ondogmatisch
revolutionair
onbekrompen
ongehoorzaam
apart
buitenissig
dichterlijk
ongelovig

V-III+
GEZAGSGETROUW, CONVENTIONEEL, BURGERLIJK
gezagsgetrouw
conventioneel
conservatief
burgerlijk
preuts
dogmatisch
ouderwets
moralistisch
devoot
deftig
paternalistisch
V+IV+
KRITISCH, SCHERPZINNIG, INVENTIEF
kritisch
scherpzinnig
inventief
veelzijdig
alert
vindingrijk
vooruitstrevend
geniaal
spitsvondig
spits
intelligent
wijsgerig
pienter
weetgierig
snugger
onvervaard
vernuftig
begaafd
coulant
pragmatisch

V-IV-
KLEINGEESTIG, ONBENULLIG, AANSTELLERIG
kleingeestig
enggeestig
onbenullig
aanstellerig
kortzichtig
manziek
benepen
doodvervelend
dweepzuchtig
poeslief
simpel
familieziek
dweperig
zoetsappig
dweepziek
wuft
indolent
perfide

V+IV-
POETISCH, GEPASSIONEERD, IDEALISTISCH
poŰtisch
gepassioneerd
idealistisch
zinnelijk
artistiekerig

V-IV+
OERDEGELIJK, AARTSGIERIG, AANMATIGEND
oerdegelijk
aartsgierig
aanmatigend

V+V+
FANTASIERIJK, CREATIEF, REFLECTIEF
fantasierijk
creatief
reflectief

V-V-
OVERBELEEFD
overbeleefd
 








terug naar Big 5